1500–1550 — De familie Van Landschoot in de vroege 16de eeuw
In de eerste helft van de zestiende eeuw worden de bronnen veel rijker. De naam verschijnt in Zundert, Knesselare, Maldegem, Sint-Laureins, Brugge, Adegem en de bredere Vlaamse en Brabantse context.
Dossier vroege zestiende eeuw
De periode 1500–1550 vormt een overgang naar een beter gedocumenteerde familiegeschiedenis. We zien naamdragers in erfdelingen, kerkelijke functies, lenen, renten, poorters- en ambachtscontexten, gilden, weesbronnen en plaatsnamen. Vooral de vermeldingen in Knesselare, Maldegem en Sint-Laureins sluiten nauw aan bij de latere Meetjeslandse familiegeschiedenis.
Persoonsnamen 1500–1550
Heynrick Jan Christiaenssen en Margriet Faes van Lancschot — Zundert
In Zundert treedt Heynrick Jan Christiaenssen op in naam van Janne en Lysbetten, zijn wettige kinderen die hij had bij Margriet Faes van Lancschot.
Zij worden genoemd bij een erfdeling tegenover zijn broer Willem, betreffende de nagelaten goederen van wijlen Jans Wouter van den Eynde te Antwerpen.
Bron: ORZ 281, folio 28v.
Celie Faes van Lancschot en erfgoederen — Zundert
Celie Faes van Lancschot, samen met Andries Wouter Jennekens, haar man en voogd, en Heynrick Jan Christiaens, in naam en als voogd van Jan en Lysbeth, zijn kinderen uit zijn huwelijk met Margriet Faes van Lanschot, scheidden enkele erfgoederen.
Bron: ORZ 281, folio 34v; Nuijt en Gommaar →
Pieter Van Landschoot, kerkmeester en schepen in Sint-Laureins
Pieter Van Landschoot, geboren rond 1470, was kerkmeester van 1504 tot 1512 en werd in 1514 vermeld als schepen in Sint-Laureins.
Matheus Jans van Lanscoet en Lijsbeth
Matheus Jans van Lanscoet en zijn vrouw Lijsbeth worden vermeld in een Nederlandse bron. De vermelding staat op de vierde lijn van de afbeelding.
Boudin Van Lanscoot in het ambacht Maldegem
In 1515 wordt Boudin Van Lanscoot, geboren rond 1480, vermeld in het ambacht van Maldegem. De tekst situeert hem in een leencontext te Eelvelde.
Roelandt van Maldeghem f. Roelands houdt een leen groot ix ghemete ligghende int ambachte ende inde prochie van Maldeghem zuud oost vande kerke in een jeghenoode gheheten te Eelvelde ... vidua el libri Boudin van Lamscoot ande oostzyde...
De leenvermelding noemt de jaarlijkse dienst van een paar handschoenen met Pinksteren. De bron verwijst ook naar een tweede leen in de prochie van Maldegem, met eveneens een dienst van een paar handschoenen.
Bron: Ambacht Maldeghem, 1997, p. 268.
Matheus, zoon van Jan van Landschot
Matheus, geboren rond 1480, zoon van Jan van Landschot, geboren rond 1450, wordt opnieuw vermeld. Dit is vermoedelijk dezelfde persoon als in de eerdere vermelding van 1514–1515.
Gregor Van Landschoot en de Heilige Geest van Knesselare
Op 20 juni 1519 verkocht de Heilige Geest van Knesselare een stuk land met eeuwigdurende rente. De meest biedende was Gregor Van Landschoot, zoon van Willem, geboren rond 1450.
Het ging om een bilcxkin, genaamd Lenaerts Weits stedekin, gelegen aan de zuidkant van de Gentweg die naar Hulle loopt. Gregor bood een rente van twaalf groten per jaar.
Omdat het om eeuwigdurende rente ging, moest Gregor een borg geven van twee ponden en tien schellingen, of vijftien gulden. Hij moest op het stuk land een huis timmeren en was verplicht de weg en de dijk aan de noordzijde te onderhouden.
Aanwezig waren onder meer Jan Allaert filius Filip, baljuw, Iwein Clais, Jacob Minnens, Gerolf van de Velde, Willem Valcke zoon van Amant, schepenen, en Jacob van Pachtenbeke zoon van Lamsin en Willem Valcke zoon van Jan als Heilige-Geestmeesters.
Bron: Heemkundige kring Land van de Woestyne, Aalter, De Armenzorg te Knesselare in de 16de eeuw, p. 30–31.
Pieter van Lantscoet te Buentelare
In 1521 wordt de plaats up de Rietinghe, vermoedelijk Rietaghe, vermeld aan de oostzijde van Pieter van Lantscoet stede te Buentelare in Knesselare.
Jan Van Landschot, kerkmeester in Sint-Kruis Brugge
Jan Van Landschot, geboren rond 1490, wordt vermeld als kerkmeester in Sint-Kruis Brugge.
Arnaut van Landschoot en de familie Lippens
In 1531 wordt Arnaut van Landschoot vermeld via de familie Lippens. Tanneke, dochter van Jacob Lippens III, was gehuwd met Arnaut van Landschoot.
Jacob Lippens III huwt met Clara de Baets filia Franchois in 1522. Catheline fia Jacob III uxor Willem Mannins. Tanneke fia Jacob III uxor Arnaut van Landschoot. Franchine fia Jacob III uxor Pieter van Speybrouck.
Bron: A.68.1531, ARA/AGR Assenede, SR 45184, Briefs van Assenede, Quartier van Brugge; Geschiedenis van de familie Lippens →
Jean Landschot
In 1532 wordt Jean Landschot, geboren rond 1490, vermeld in een Franstalige bron.
Achil son fils, sa fille N.... épouse de Jean Landschot.
Bron: Coutumes des pays et comté de Flandre: Quartier de Furnes, volume 4, Veurne, Commission royale pour la publication des anciennes lois et ordonnances de la Belgique, Louis Gilliodts-Van Severen, p. 254.
Joannes en Willem Van Lanschoot in Knesselare
In 1535 worden Joannes en zijn zoon Willem Van Lanschoot vermeld in Knesselare, verbonden met de tak Brugge.
Mogelijk is de eerder genoemde Jean Landschot uit 1532 dezelfde persoon als deze Joannes. Dit blijft een onderzoekspiste, mede in verband met latere vermeldingen rond 1567.
Van Landschoot’s in Adegem en Maldegem
In 1536 komen Van Landschoot-vermeldingen voor in Adegem en Maldegem binnen de Wezerijen van het Ambacht Maldegem.
Arendt van Lansschoet, gildebroeder
In 1540 betaalt Arendt van Lansschoet, geboren rond 1505, vijf schellingen groten lidgeld als gildebroeder van de Gilde van Kolveniers en Busschieters.
Bron: Jaerboeken van het Souvereine Gilde der Kolveniers, Busschieters en Kanonniers, deel 2, via DBNL.
Weduwe van Gille Van Landtschoot in Sint-Laureins
In 1550 woont de weduwe van Gille Van Landtschoot, geboren rond 1510, in de Kockhuytstraat te Sint-Laureins. Het gaat om een eigendomsvermelding.
Peter Van Landschoot en de hofstede Vynckebrouck
In 1550 wordt de hofstede waar Peter Van Landschoot, geboren rond 1510, woont, vermeld. De hofstede was wijlen genaamd Vynckebrouck en lag in Sint-Kathelijne buiten Brugge, onder Assebroek, noord-noord-oost van de kerk.
De plaats wordt later als Vinckbrom weergegeven op de Kaart van Pourbus van 1562. De bron vermeldt dat de hofstede toen helemaal geruïneerd was.
Bron: Legher charter Brugge, in fine; Vinckbrom op de Kaart Pourbus 1562; Karel De Flou, Toponymie, Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde, 1938, p. 481.
Arnold van Lantscot, baljuw
Voor de jaren 1556, 1564 en 1565 wordt Arnold van Lantscot vermeld als baljuw. Deze vermelding sluit aan bij de volgende periode en verdient een afzonderlijke vervolgpagina.
Belang van deze periode
Tussen 1500 en 1550 wordt de familiegeschiedenis duidelijker sociaal en geografisch zichtbaar. De naam verschijnt in erfdelingen, kerkelijke functies, schepen- en baljuwcontext, armenzorg, gilden, eigendom en toponymie.
Links en vervolgpagina’s
Deze verwijzingen sluiten inhoudelijk aan bij de periode 1500–1550. Enkele links kunnen later nog worden aangepast of verfijnd.
Belangrijkste bronnen en verwijzingen:
- ORZ 281, folio 28v en 34v, Zundert, 1501.
- Brabants Historisch Informatie Centrum, vermeldingen Matheus Lanscoet.
- Ambacht Maldeghem, 1997, p. 268.
- Heemkundige kring Land van de Woestyne, De Armenzorg te Knesselare in de 16de eeuw, p. 30–31.
- Biekorf, jaargang 106, 2006.
- ARA/AGR Assenede, SR 45184, Briefs van Assenede, Quartier van Brugge.
- Coutumes des pays et comté de Flandre: Quartier de Furnes, volume 4, p. 254.
- Jaerboeken van het Souvereine Gilde der Kolveniers, Busschieters en Kanonniers, deel 2.
- Karel De Flou, Toponymie, Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde, 1938, p. 481.
English
Español
Français