Van Landschoot

800 jaar familiegeschiedenis

Suzanna van Liebeeck

Minderjarige wees in de ZEER UITGEBREIDE staat van goed van haar vader Jan van Liebeeck — Brugge/Gent, 1636. Later gehuwd met Charles Landsoght.

📍 Brugge / Gent / Oostkamp 📜 Staat van goed 🗓️ 2 oktober 1636 👧 Suzanna van Liebeeck ⚭ Charles Landsoght
Suzanna van Liebeeck als minderjarige wees in de staat van goed van Jan van Liebeeck, 1636
Staat van goed van Jan van Liebeeck, waarin Suzanna van Liebeeck als minderjarige dochter wordt vermeld.

Deze uitgebreide staat van goed werd opgesteld na het overlijden van Jan van Liebeeck, poorter van Brugge en tijdens zijn leven raad en meester van de nationale munten. Hij overleed binnen de stad Gent op 22 juli 1635.

Zijn vier minderjarige dochters — Elisabeth, Anna, Suzanna en Helena van Liebeeck — werden vertegenwoordigd door hun voogden. Voor de familiegeschiedenis is vooral de vermelding van Suzanna van Liebeeck belangrijk, omdat zij later huwde met Charles Landsoght.

Kern van de akte
De akte beschrijft de vereffening van het sterfhuis van Jan van Liebeeck. Zijn vier minderjarige dochters erfden uit een omvangrijk patrimonium van hofsteden, lenen, huizen, landerijen, renten, obligaties en lopende processen. Suzanna van Liebeeck vormt later, door haar huwelijk met Charles Landsoght, de verbinding met de familie Landsoght.

Familieverband

Jan van Liebeeck, overleden te Gent op 22 juli 1635, was gehuwd met Joanna van der Beke.

Hun vier minderjarige kinderen waren: Elisabeth, Anna, Suzanna en Helena van Liebeeck.

Suzanna van Liebeeck huwde later met Charles Landsoght. Daardoor is deze staat van goed een belangrijke genealogische brug tussen de families Van Liebeeck, Van der Beke en Landsoght.

Waarom deze staat belangrijk is

De akte is geen gewone korte weesstaat, maar een zeer uitgebreide patrimoniumstaat. Zij toont hoe de nalatenschap van Jan van Liebeeck bestond uit een breed verspreid geheel van goederen en inkomsten.

Onderdeel Betekenis
Gereed geld De voogden brachten onder meer 1.092 pond, 16 schellingen en 2 groten in gereed geld over ten bate van de wezen.
Hofsteden en landen Goederen lagen verspreid over Sint-Gillis, Zwijnaarde, Meetkerke, Zuienkerke, Leffinge, Zwevezele, Beernem, Zevergem, Munte en andere plaatsen.
Renten Een zeer grote portefeuille van losrenten op huizen, hofsteden, gronden, polders, stedelijke eigendommen en impostgelden.
Obligaties Persoonlijke schuldbekentenissen met jaarlijkse renten en vaak met borgstelling.
Processen Lopende betwistingen voor de Raad van Vlaanderen en de Hoge Raad van Mechelen.

Samenvatting van de hoofdgoederen

De onderstaande tabel geeft geen volledige opsomming van alle posten, maar helpt om de omvang van de nalatenschap overzichtelijk te maken.

Nr. Goed Plaats Omvang Bijzonderheid
1 Leen gehouden van de Burcht van Brugge Sint-Gillis bij Brugge 9 gemeten en 94½ roeden Verpacht aan Cornelis Imbona
2 Leen gehouden van Sint-Pieters Zwijnaarde 2 gemeten Aangekocht voor 425 gulden
3 Hofstede met huizen, schuren en stallen Meetkerke en Zuienkerke 50 gemeten Verpacht aan Anthuenis de Clerck
4 Hofstede Leffinge 44 gemeten, 2 lijnen, 40 roeden Betwisting met Susanna Roelaert
5 Hofstede met land, bos en meers Zwevezele 81 gemeten Afkomstig uit de nalatenschap van Cathelijne de Backere
6 Partijen land Beernem / Oostkamp ca. 3 gemeten Proces tegen Lenaert van Hecke en consorten
7 Hofstede Zevergem 9 bunderen en 550 roeden Verpacht aan Geeraert Vercruyce
8 Hofstede Munte, Land van Rode 18 bunderen Verpacht aan Pieter Phielman en Boys Moykens

Rentenportefeuille

Een zeer groot deel van de staat bestaat uit renten. Die renten waren vaak losbaar tegen de penning 16, wat betekent dat de schuldenaar de jaarlijkse rente kon aflossen door zestienmaal het jaarlijkse rentebedrag te betalen.

Groep Voorbeelden Betekenis
Gent en Sint-Pieters Vrijdagmarkt, Hoogpoort, Muide, Sint-Pieters, Aaiigem Renten op huizen, erven, meersen en landerijen.
Brugge Den Inghel, Den Eenhooren, De Zusele, Gansestraat, Ezelstraat Oude renten op stedelijke huizen, soms met constitutiebrieven uit de 16de eeuw.
Kortrijk en omgeving Aalbeke, Wevelgem, Moeskroen, Hoog-Mosscher, Kortrijk Renten die tonen hoe verspreid het patrimonium was.
Vier Leden van Vlaanderen Renten bezet op impostgelden Inkomsten verbonden aan publieke of semi-publieke fiscale middelen.
Obligaties Bruneel, Velghe, Cnudde, Van de Berghe, De Moor Persoonlijke renten op schuldbekentenis, vaak met borg en principaal.

Sommige renten gaan terug op zeer oude constitutiebrieven uit de zestiende eeuw, onder meer uit 1524, 1529, 1536, 1547, 1551, 1552 en 1557. Dat toont hoe rentetitels generaties lang konden blijven doorlopen.

Lopende processen en betwistingen

De staat vermeldt niet alleen baten, maar ook lasten en onzekerheden. Verschillende goederen of renten waren het onderwerp van lopende processen.

Rechtscollege Partijen Onderwerp
Raad van Vlaanderen Anthoy vander Gorre en Jacques van Haneskercke Heerlijke renten, wandelkoop, relief en twee kleine lenen te Zwevezele.
Raad van Vlaanderen Lenaert van Hecke en consorten Betwisting over land te Beernem / Oostkamp, opgeëist als vacant goed.
Hoge Raad van Mechelen Anna Fransman, weduwe van Melchior van de Casteele Proces in beroep over een rente van 50 gulden per jaar op land te Wenduine.
Brugse Vrije Susanna Roelaert Afstand van 2 gemeten land in een hofstede te Leffinge.

Genealogische betekenis

Voor de familie Landsoght is deze akte vooral belangrijk omdat Suzanna van Liebeeck later huwde met Charles Landsoght. De staat toont haar afkomst, haar positie als minderjarige erfgename en het familiale vermogen waaruit zij een aandeel kreeg.

De akte bevestigt bovendien meerdere familieverbanden: Jan van Liebeeck als vader, Joanna van der Beke als moeder, Cathelijne de Backere als grootmoeder langs vaderszijde, en Laureyns van Liebeeck als belangrijke verwant binnen het bredere sterfhuis.

Samengevat
Suzanna van Liebeeck verschijnt in deze staat als een van de vier minderjarige dochters van Jan van Liebeeck en Joanna van der Beke. Door haar latere huwelijk met Charles Landsoght wordt deze akte een belangrijke brug tussen een vermogende Van Liebeeck-nalatenschap en de familie Landsoght.

Volledige hertaling van de akte

Omdat de staat uitzonderlijk lang is, wordt de volledige hertaling hieronder per deel weergegeven. Zo blijft de pagina leesbaar, terwijl de volledige broninhoud toch bewaard blijft.

Deel 1 — Opening, voogden en eerste goederen

Opening van de staat

Meester Jan Parmentier, ridder, heer van der Strate en voormalig schepen van de stad Brugge, samen met heer Jacques van Liebeeck, traden op voor Elisabeth, Anna, Suzanna en Helena van Liebeeck, de vier minderjarige kinderen van wijlen heer Jan van Liebeeck en jonkvrouw Joanna van der Beke.

Jan van Liebeeck was tijdens zijn leven raad en meester van de nationale munten. Hij was poorter van Brugge en overleed binnen de stad Gent op 22 juli 1635.

Bij de vereffening van het sterfhuis, bevestigd voor de oppervoogden op 2 oktober 1636, brachten de voogden ten bate van de wezen in gereed geld over: 1.092 pond, 16 schellingen en 2 groten.

De vier dochters hadden samen een aandeel in het batig saldo van het sterfhuis. De tekst spreekt over vier delen van negen. Dat wijst erop dat elk kind vermoedelijk recht had op één negende van het betrokken erfdeel, terwijl de vier kinderen samen vier negenden vertegenwoordigden.

Eerste goederen in de staat

Goed Plaats Omvang Bijzonderheden
Leen gehouden van de Burcht van Brugge Sint-Gillis bij Brugge 9 gemeten en 94½ roeden Verpacht aan Cornelis Imbona voor 28 pond per jaar.
Leen gehouden van de prelaat van Sint-Pieters Zwijnaarde 2 gemeten Aangekocht voor 425 gulden; verpacht voor 3 pond, 2 schellingen en 8 groten per jaar.
Hofstede met huizen, schuren, stallen en bomen Meetkerke en Zuienkerke 50 gemeten Verpacht aan Anthuenis de Clerck voor 113 pond, 12 schellingen en 6 groten per jaar.
Hofstede met huizen en schuren Leffinge 44 gemeten, 2 lijnen en 40 roeden Verpacht aan Michiel de Ruysschere voor 45 pond per jaar.
Hofstede met land, bos en meers Zwevezele 81 gemeten Gedeeltelijk afkomstig uit de nalatenschap van Cathelijne de Backere, moeder van Jan van Liebeeck.
Partijen land Beernem, heerlijkheid Oostkamp ca. 3 gemeten Onderwerp van proces tegen Lenaert van Hecke en mede-admodiateurs van vacante goederen.
Hofstede Zevergem 9 bunderen en 550 roeden Verpacht aan Geeraert Vercruyce voor 32 pond groten per jaar.
Hofstede Munte, Land van Rode 18 bunderen Verpacht aan Pieter Phielman en Boys Moykens voor 50 pond per jaar.
Deel 2 — Verdere goederen, huizen en eerste renten

Verdere hofsteden, landen en huizen

In dit tweede deel worden nog verschillende goederen opgesomd in het Vrije van Gent, bij Kortrijk, in Gent zelf en in andere plaatsen. De staat vermeldt telkens de ligging, omvang, lasten, pachter en jaarlijkse opbrengst.

Goed Plaats Omvang Opbrengst of bijzonderheid
Hofstede met boomgaard en opgaande bomen Bij Male-Brugge, onder het Vrije van Gent ca. 7 gemeten Samen met een partij van 230 roeden verpacht aan Philips Verdonck voor 16 pond en 13 schellingen per jaar.
Derde deel in land en huizen Putteken bij Kortrijk 3 bunderen en 1.400 roeden Afkomstig uit de nalatenschap van Ysabeau de la Tombe; verpacht aan Jan Verfaillie.
Land bij de vesten Kortrijk, buiten de Doornikse poort 924 roeden Verpacht aan Bertholomeus Carnette voor 14 pond per jaar.
Meers Tussen beide Muidepoorten, Gent 411 roeden Verpacht aan Pieter Moeraert.
Meers Tussen beide Muidepoorten, Gent 619 roeden Verpacht aan Gillis Casier voor 9 pond groten per jaar.
Behuisde partij land of lochting Aaiigem, aan de Ganse Dries 500 roeden Drie vierendelen kwamen aan het sterfhuis toe.
Huis met toebehoren ’s Reigersdreef, Gent Niet vermeld Belast met onlosbare renten aan verschillende kloosters.
Huis met erf Hoenderstraat, Gent ca. 50 roeden Verpacht aan Elizabeth Eeghermont; erf beplant met abelen.

Eerste renten

Na de onroerende goederen begint de staat met de opsomming van renten. Deze renten waren jaarlijkse inkomsten, meestal losbaar tegen de penning 16, penning 18 of penning 20.

Rente Ten laste van Onderpand Achterstal
25 pond groten per jaar Frans Coopman Het huis het Gouden Peerdeken op de Vrijdagmarkt te Gent Sinds 9 juli 1634
2 pond per jaar Frans Coopman Ook op het Gouden Peerdeken Sinds 9 juli 1634
15 pond per jaar Lieven Neyt Diverse partijen land Sinds 1 juni 1633
18 pond per jaar Meester Guille Blanckaert, advocaat Het huis den Witten Blicxem op de Hoogpoort te Gent Sinds 23 december 1631
14 pond groten per jaar Maerten van de Casteele Nog te bezetten volgens belofte Niet volledig vermeld
Deel 3 — Grote rentenportefeuille

Renten op publieke inkomsten en particuliere goederen

Dit deel bestaat bijna volledig uit renten. Sommige renten waren bezet op de imposten van de Vier Leden van Vlaanderen. Andere rustten op huizen, hofsteden, meersen en partijen land.

Een rente “losbaar tegen de penning 16” betekende dat de schuldenaar de jaarlijkse rente kon aflossen door zestienmaal het jaarlijkse bedrag te betalen. Een rente van 1 pond per jaar vertegenwoordigde dus een kapitaal van 16 pond.

Renten ten laste van de Vier Leden van Vlaanderen

Jaarlijkse rente Ten laste van Onderpand Achterstal
9 pond, 7 schellingen en 6 groten Vier Leden van Vlaanderen, vooral het Vrije Imposten Sinds 2 juni 1628
8 pond Vier Leden Imposten Sinds 11 augustus 1620
6 pond Vier Leden Imposten Sinds 11 juli 1628
4 pond groten Vier Leden Imposten Sinds 11 september 1628
3 pond en 10 schellingen groten Vier Leden Imposten Sinds 8 mei 1632

Voorbeelden van particuliere renten

Rente Schuldenaar Onderpand Plaats
2 pond en 10 schellingen Guille Mortier Meersen en land, samen ca. 2 gemeten Aaiigem
2 pond Maryn de Maecht 400 roeden land Aaiigem
6 pond Pieter van Hulle Het huis De Zwaan Muide, Gent
6 pond Weduwe van Caspar Wynckelman 20 gemeten vette gars Klemskerke
3 pond Guille Damast Hofstede Ravensteyn Torhout
6 pond Jonker Albert de Bert, heer van Watervliet Hofstede in de Laurynenpolder Watervliet
4 pond Jan Baptist Piere Huis Den Conynghe van Spaigniën Breidelsteeg, Gent
4 pond en 5 schellingen Heyndryck van Damme Het huis De Valcke Burchtstraat, Gent

Dit deel toont hoe omvangrijk de financiële portefeuille van het sterfhuis was. De erfgenamen hadden niet alleen aandeel in tastbare goederen, maar ook in jaarlijkse inkomsten uit tientallen rentetitels.

Deel 4 — Renten in Brugge, Kortrijk en omgeving

Renten in Gentse omgeving, Brugge en Kortrijk

Dit vierde deel zet de rentenportefeuille verder. Eerst volgen renten op gronden en huizen rond Gent, Zwijnaarde, Aaiigem en Zevergem. Daarna komen opvallend veel renten op huizen te Brugge en op goederen in Kortrijk en omgeving.

Renten in de Gentse omgeving

Rente Schuldenaar Onderpand Plaats
1 pond Victor Boone 1 gemet land Merelbeke
1 pond Weduwe en erfgenamen van Jan de Moerloose 7 gemeten land Zwijnaarde
2 pond Weduwe en erfgenamen van Gillis Vervloet 2 bunderen en 33 roeden land Pittem
1 pond Symon de Gent Huis in de Gemetterstraat Sint-Pieters
2 pond Geeraert de Groote Huis bij de Dam Gent

Renten in Brugge

Rente Schuldenaar Onderpand Ligging
3 pond en 10 schellingen Erfgenamen van Jan Frans Huis Den Panden Rync Tegenover de Muide te Brugge
3 pond Jan Cobrij en erfgenamen van Guille Pierreman Oliemolen Vesten van Brugge
1 pond en 10 schellingen Aernoud Perssemer Huis ’s-Heer Geersuwstraat
2 pond Erfgenamen van Pieter Verschuere Huis Cauperstraat
1 pond en 10 schellingen Loys Maes en Loys de Waele 11 huisjes Lattoenstraatje
2 pond Jan de Meester Huis Den Inghel Vrijdagmarkt te Brugge
1 pond Jacques Pysen Huis Den Eenhooren Ezelstraat
15 schellingen Jan Torres Huis De Zusele Tegenover het Vleeshuis

Renten in Kortrijk en omgeving

Rente Schuldenaar Onderpand Plaats
1 pond Jan Ghylinck Huis op de Korenmarkt Kortrijk
1 pond en 5 schellingen Mayken Braems en Joos van den Neste Partij land Aalbeke
1 pond Weduwe van jonker Melchior de Prince Partij land Moeskroen
2 pond Weduwe van Pieter Hasaert 1 bunder land Hoog-Mosscher bij Kortrijk
1 pond en 10 schellingen Jan de Backere Landen Wevelgem
3 pond Laureyns de Lentluge Huis in de Groenestraat Kortrijk
10 schellingen Thomas de Cockere Huis Den Mortier Doornikstraat, Kortrijk

Begin van de renten op obligatie

Aan het einde van dit deel begint een nieuwe categorie: renten lopende op obligatie. Dat zijn persoonlijke schuldbekentenissen, soms met een borg die zich “borg en principaal” stelde.

Rente Schuldenaar Obligatie
1 pond Michiel de Ruysschere Obligatie van 3 mei 1619
10 schellingen Joos van den Messe Mattheus Casteel stelde zich borg en principaal.
1 pond Elysabeth Steijaert, weduwe van Pieter Bruneel, en Pieter Schamp Obligatie van 22 november 1630
4 pond Guille Bruneel Pieter Bruneel stelde zich borg en principaal.
Slot — Obligaties, inschulden, processen en testamentaire last

Verdere renten op obligatie

Het slotdeel werkt de renten op obligatie verder af. Dit zijn renten die niet altijd op een concreet huis of stuk land worden beschreven, maar die voortkomen uit persoonlijke schuldbekentenissen.

Rente Schuldenaar Borg of bijzonderheid
1 pond Guille Bruneel Pieter Bruneel was borg en principaal.
30 schellingen Joos Leanen en Hans de Mostere Volgens obligatie van 28 mei 1633.
1 pond Charles van Crombrugghe Jan Velghe was borg en principaal.
3 pond Jacques vander Stichelen Volgens obligatie van 21 mei 1635.
3 pond Anthoni Maton Baltazar van de Pasteele was borg en principaal.
12 pond en 10 schellingen Heer Pieter de Moor Volgens obligatie van 6 januari 1634.
2 pond Laureyns Velghe Jan Velghe, zijn broer, was borg en principaal.
4 pond Jan Cnudde Zijn vader Jan Cnudde was borg en principaal.
20 pond, 16 schellingen en 8 groten Joos van de Berghe, landman te Woubrechtegem Jonker Jan Stalins de Oude was borg en principaal.

Inschulden

Na de renten volgen enkele openstaande schulden. Sommige daarvan werden slechts voor memorie opgenomen, omdat de schuldenaar insolvent was.

Schuldenaar Bedrag Reden Opmerking
Jan vander Wulghen 6 pond en 10 schellingen Restant van twee jaren pacht van een meers Voor memorie wegens insolvabiliteit.
Jan Velghe Niet vermeld Slachtvee en “latijn” in lening gegeven Waarde bepaald door Joos van Poucke en Bekaert.
Andries Denys 8 pond Volgens obligatie van 5 mei 1623 Voor memorie wegens insolvabiliteit.

Lopende processen

Het sterfhuis was ook betrokken in meerdere processen. Die konden de uiteindelijke waarde van het erfdeel van de wezen beïnvloeden.

Rechtscollege Partijen Onderwerp
Raad van Vlaanderen Anthoy vander Gorre en Jacques van Haneskercke Heerlijke renten, wandelkoop, relief en twee kleine lenen op de hofstede te Zwevezele.
Raad van Vlaanderen Lenaert van Hecke en consorten Proces over land te Beernem/Oostkamp dat als vacant goed werd opgeëist.
Hoge Raad van Mechelen Anna Fransman, weduwe van Melchior van de Casteele Proces in beroep over een rente van 50 gulden per jaar op land te Wenduine.
Brugse Vrije Susanna Roelaert Afstand van 2 gemeten land in een hofstede te Leffinge.
Waarborgkwestie Guille Imbona, Jacques Stroo en Symoen de Meijere Aanspraak op een derde deel van een hofstede van 71 gemeten, 2 lijnen en 39 roeden te Wenduine.

Testamentaire last

De wezen bleven volgens het testament van de overledene belast met: 48 pond groten.

Betekenis van het slot
Het slot toont dat het erfdeel van Suzanna en haar zusters niet alleen uit baten bestond. Er waren ook achterstallige renten, insolvabele schuldenaars, betwiste goederen, processen en testamentaire lasten. De staat gaf dus een patrimonium in beweging, geen eenvoudig afgesloten bezit.

Slotformule

De staat werd opgemaakt volgens het dubbel van de beschreven staat, aangetroffen in het sterfhuis van heer en meester Laureyns van Liebeeck, door hem ondertekend.

Ten oorkonde: J. Vanden Velde.

Bron

Bron: SAB, Weesregister Sint-Jans-16-140-1. Staat van goed van wijlen Jan van Liebeeck, overleden te Gent op 22 juli 1635.

Datum vereffening: 2 oktober 1636.

Betrokken kinderen: Elisabeth, Anna, Suzanna en Helena van Liebeeck, minderjarige kinderen van Jan van Liebeeck en Joanna van der Beke.

Genealogische koppeling: Suzanna van Liebeeck huwde later met Charles Landsoght.

De staat van goed toont dat Elisabeth, Anna, Suzanna en Helena van Liebeeck, de vier minderjarige dochters van Jan van Liebeeck en Joanna van der Beke, samen als erfgenamen optraden. De akte vermeldt dat hun voogden 1.092 pond, 16 schellingen en 2 groten in gereed geld overbrachten ten bate van de wezen.

Daarnaast wordt gesproken over “vier delen van negen”. Dat wijst erop dat de vier kinderen samen gerechtigd waren in vier negenden van het betrokken erfdeel of batig saldo. Aangezien er vier dochters waren, komt dit neer op één negende per kind. Suzanna van Liebeeck had dus als afzonderlijke wees vermoedelijk recht op één negende van dit deel, naast haar aandeel in het gereed geld.

De goederen bleven echter voor een deel gemeenschappelijk gerechtigd met hun moeder Joanna van der Beke. De verdeling was dus geen eenvoudige opsplitsing van elk perceel, maar een juridische toewijzing van aandelen in een omvangrijk patrimonium van hofsteden, lenen, huizen, renten, obligaties en lopende processen.