Van Landschoot

800 jaar familiegeschiedenis

Een verweven erfenis tussen Callant, Christiaens en Van Landschoot

Weesakte van 24 februari 1548 over goederen, voogdijen en familiebanden in Brugge, Sint-Kruis, Sijsele, Meigem en Oostwinkel.

📜 Weesakte 📍 Sint-Kruis 🏠 Brugge 🌾 Sijsele & Meigem 1548–1581
Weesakte van Jan Callant en Vincentijne Christiaens, 1548
Bronbeeld bij de weesakte van Jan Callant en Vincentijne Christiaens, 1548. Klik op de afbeelding om ze groter te openen.

De familiekring in beeld

De weesakte van 1548 wordt duidelijker wanneer men de familiekring rond Jan Van Landschoot en Vincentijne Christiaens erbij neemt. Het schema toont hoe deze lijn aansluit bij de bredere Sint-Kruise tak van de familie Van Landschoot.

Familiekring rond Jan Van Landschoot, Vincentijne Christiaens en hun kinderen
Familiekring rond Jan Van Landschoot, Vincentijne Christiaens en hun kinderen.

Familieschema

Onderstaand schema toont in één oogopslag waarom deze akte zo waardevol is: Vincentijne Christiaens verbindt de families Callant en Van Landschoot/Lantschot. Daardoor lopen ook de erfdelen van de kinderen uit beide lijnen door elkaar.

Familieschema van Vincentijne Christiaens, Jan Callant en Jan van Landschoot, 1548
Familieschema bij de weesakte van 1548. Klik op het schema om het afzonderlijk te openen.

Op 24 februari 1548 werd voor de schepenen een belangrijke weesakte opgemaakt. De akte bracht in kaart welke goederen en geldsommen toekwamen aan minderjarige kinderen na het overlijden van hun ouders of verwanten. Zoals zo vaak in zestiende-eeuwse weesboeken gaat het niet om één eenvoudige erfenis, maar om een ingewikkeld geheel van familiebanden, onverdeelde eigendommen, renten en voogdijen.

Centraal in deze akte staat Vincentijne Christiaens, dochter van Lauwers Christiaens. Zij vormt de verbinding tussen de families Callant, Christiaens en Van Landschoot. Uit haar huwelijk met Jan Callant was er minstens één zoon: Hannekin Jan Callant. Na het overlijden van Jan Callant moest worden vastgelegd wat deze zoon uit het sterfhuis van zijn vader erfde.

Na Jan Callant was Vincentijne verbonden met Jan van Landschoot, ook geschreven als Jan van Lanschot, Landtschoot of Lantschot. De spelling wisselt in de akte, maar het gaat duidelijk om dezelfde naamgroep.

Kern van de akte
Deze weesakte toont hoe de erfenissen van Callant en Van Landschoot door Vincentijne Christiaens met elkaar verweven raakten. De kinderen uit verschillende gezinsverbanden deelden in dezelfde goederen, terwijl Jan van Landschoot als bezitter, beheerder of borgsteller een centrale rol bleef spelen.

Familiebanden in de akte

De akte noemt verschillende kinderen en voogden. Zij worden niet zomaar vermeld als namen, maar als personen met rechten in het sterfhuis. Daardoor is dit document bijzonder waardevol voor de reconstructie van de familiebanden.

Persoon of gezinBandOpmerking
Jan Callant × Vincentijne ChristiaensEerste gezinsverbandHun zoon Hannekin erfde uit het sterfhuis van Jan Callant.
Hannekin Jan CallantZoon van Jan Callant en VincentijneWees na het overlijden van zijn vader.
Jan van Landschoot / Lantschot × Vincentijne ChristiaensTweede gezinsverbandUit dit huwelijk kwamen onder meer Pierkijn, Neelijnken en Cornelie.
Pierkijn en Neelijnken Jan van LandtschootKinderen van Jan van Landschoot en VincentijneZij erfden uit het sterfhuis van hun moeder.
Cornelie filia Jan LantschotDochter van Jan Lantschot en VincentijneLater afzonderlijk vermeld bij voogdijen in 1578 en 1581.

Het erfdeel van Hannekin Callant

De eerste inschrijving betreft het sterfhuis van Jan Callant. De voogden van Hannekin brachten in het weesboek wat deze minderjarige zoon toekwam. Het ging om een combinatie van leenbezit, huizen, land en geld.

GoedLiggingBetekenis
Een klein leen van ongeveer vier gemeten land of meersParochie MeigemGehouden van Rijckaert van Utenhove via diens hof te Kessent.
Aandelen in een huiscomplexBelzepitstraat te Brugge, bij de vestenHuizen, kamers, stallen, schuren, koer en grond; belast met cijnzen en renten.
Vier lijnen landSint-Katelijne, binnen ambacht en heerlijkheid SijseleEen gemeenschappelijk of onverdeeld aandeel.
Vier lijnen land met huizen en bomenVossesteerte, bij de Sprietweg, Sint-Kruis buiten BruggeGedeeld erfelijk goed, belast met een kleine erfelijke rente.
Geld uit de roerende goederenIn handen van Jan van Landscot en Vincentijne ChristiaensEen bedrag van 16 pond, 1 schelling, 8 penningen groten en 9 mijten.

Vooral het leen te Meigem valt op. Hannekin kon het voordeel en het gebruik van dat land genieten, maar juridisch bleef het verbonden aan een leenheer. De grond was namelijk een achterleen van Rijckaert van Utenhove. De nieuwe gerechtigde moest dus rekening houden met de leenverplichtingen en met het hof te Kessent.

Het huiscomplex in de Belzepitstraat

Het goed in de Belzepitstraat te Brugge wordt uitvoerig beschreven. Het was geen eenvoudig woonhuis, maar een groter geheel van huizen, kamers, stallen, schuren, erf en bijhorende grond. Ooit waren dit blijkbaar meerdere woonsten; later werd het meer één samenhangend geheel van woonst, koer, huizen en muren.

De akte noemt meerdere aandelen en breuken. Dat betekent dat niemand het geheel alleen bezat. Verschillende erfgenamen of familieleden hadden elk een deel. Het Brugse huiscomplex was dus een gedeeld familiaal bezit, belast met jaarlijkse landcijns en met een losrente.

Het sterfhuis van Vincentijne Christiaens

Daarna volgt een tweede erfregeling, nu na het overlijden van Vincentijne Christiaens zelf. Haar kinderen uit de Callant-lijn en haar kinderen uit de Van Landschoot-lijn hadden rechten in dezelfde goederen. Daardoor komen de Belzepitstraat, de landen in Sijsele en de percelen te Vossesteerte opnieuw terug.

VoogdenVoor wie?Betekenis
Jacop Callant en Steven ChristiaensHadmeligen en Jan CallantKinderen of erfgenamen uit de Callant-lijn.
Steven Christiaens en Pieter van LandtschootPierkijn en Neelijnken Jan van LandtschootKinderen van Jan van Landschoot en Vincentijne Christiaens.

De kinderen deelden deze goederen niet als netjes afgescheiden percelen. Zij waren in veel gevallen gemeenschappelijk en onverdeeld gerechtigd. Elk kind of elke familietak had dus een aandeel, maar het goed zelf bleef één geheel.

Vossesteerte en Marlijn land

Een mooi lokaal spoor is het goed te Vossesteerte, in de parochie Sint-Kruis buiten Brugge. Het lag bij de Sprietweg en tussen de beide Antwerpse heerwegen. De akte vermeldt huizen, bomen, land en een erfelijke rente. Zulke details maken de akte niet alleen genealogisch, maar ook topografisch waardevol.

Ook het zogenaamde Marlijn land is interessant. De ene helft kwam toe aan de kinderen uit het sterfhuis van Vincentijne, terwijl de andere helft aan Hannekin, zoon van Jan Callant, toebehoorde. Dit toont heel concreet hoe de Callant- en Van Landschoot-kinderen via hun gemeenschappelijke moeder in elkaars erfwereld terechtkwamen.

Geldsommen en borgstellingen

Naast de gronden en huizen vermeldt de akte ook geldsommen. Uit het sterfhuis van Jan Callant was er een bedrag voor Hannekin dat in handen was van Jan van Landscot en Vincentijne Christiaens. Uit het sterfhuis van Vincentijne was er later een bedrag van 21 pond, 8 schellingen en 10 groten, in handen van Jan van Lanschot.

Als borgen worden onder meer Cornelis van Landscot, Cornelis van Lantschoot, Aernoudt Christiaens en Herman vander Bussche genoemd. Dat betekent dat de rechten van de wezen niet alleen mondeling werden erkend, maar ook juridisch werden beveiligd door borgstelling.

Latere aanvullingen

Het weesboek bleef ook na 1548 aangevuld worden. Op 13 september 1558 werd gemeld dat de wezen nog iets hadden geërfd door het overlijden van Adriaena, dochter van Jacob Callant, hun tante. Daarbij ging het onder meer om land in de parochie Oostwinkel.

Helemaal achteraan volgen nog twee latere voogdijmeldingen over Cornelie, dochter van Jan Lantschot en Vincentijne Christiaens. Op 31 januari 1578 zwoer Jan Callant, stedegarsoen, de voogdij over haar. Op 18 januari 1581 werd Jacob van Lantschot, vrijlaat en landman in Sint-Kruis buiten Brugge, als voogd aangesteld in de plaats van Pieter van Lantsocht, die overleden was.

DatumGebeurtenisBelang
24 februari 1548Inschrijving van het erfdeel van Hannekin CallantSterfhuis van Jan Callant.
1548Regeling rond het sterfhuis van Vincentijne ChristiaensKinderen uit de Callant- en Van Landschoot-lijn delen in dezelfde goederen.
13 september 1558Aanvulling door overlijden van Adriaena CallantBijkomend land in Oostwinkel.
31 januari 1578Jan Callant wordt voogd over Cornelie van LantschotBevestigt Cornelie als dochter van Jan Lantschot en Vincentijne.
18 januari 1581Jacob van Lantschot volgt Pieter van Lantsocht op als voogdVerankert de familie Van Lantschot in Sint-Kruis buiten Brugge.
Lezing voor de bezoeker
Deze akte is belangrijk omdat ze meer doet dan goederen opsommen. Ze toont een familie in beweging: huwelijken, overlijdens, minderjarige kinderen, voogden en gedeelde eigendommen. Via Vincentijne Christiaens worden de families Callant en Van Landschoot met elkaar verbonden.

Betekenis voor de familie Van Landschoot

Voor de geschiedenis van de familie Van Landschoot / Lantschot is vooral de aanwezigheid van Jan van Landschoot, Cornelis van Landscot, Pieter van Landtschoot en later Jacob van Lantschot van belang. Zij komen voor als bezitters, borgen en voogden. De naam verschijnt in verschillende spellingen, maar telkens binnen dezelfde familieomgeving.

De akte situeert deze familie rond Brugge, Sint-Kruis, Sijsele, Sint-Katelijne, Vossesteerte en via de Callant-lijn ook in Meigem en Oostwinkel. Daarmee vormt deze weesakte een waardevol spoor in de overgang van de naamvormen Van Landschoot, Landscot, Lanschot en Lantschot.

Bron: SAB Weesakten St.-Donaas Zestendeel, boek 8, folio 153. Weesakte / weesboekinschrijving van 24 februari 1548, met latere aanvullingen van 1558, 1578 en 1581. Transcriptie en hertaling: Hans Van Landschoot.